alle werken

101 werken in Donemus catalogus

populaire werken

Een suite voor De Suite : tien composities voor piano (2- en 4- handig), twee piano's [en] viool en piano / van tien componisten

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Piano; Viool en toetsinstrument
Bezetting: pf pf4h 2pf vl and pf

Variaties op een Uilenspiegelthema / door 11 Nederlandse componisten

Genre: Orkest
Subgenre: Viool en orkest
Bezetting: 3222 4330 timp perc (hp ad lib.) str 2vl-solo

3 Shakespeare-liederen : voor bariton en harp (of piano), opus 65a / [vertaling: Dolf Verspoor], Géza Frid

Genre: Vocaal
Subgenre: Zangstem en piano; Zangstem en instrument(en)
Bezetting: bar hp/pf

nieuwste editie

Muziek voor violen en altviolen : = Musique pour violons et altos, opus 92, (1977) / Géza Frid

Genre: Orkest
Subgenre: Strijkorkest
Bezetting: str(vl vla)

 

componist

Frid, Géza

Nationaliteit: Netherlands
Geboortedatum: 1904-01-25
Sterfdatum: 1989-09-13
Website: Officiële website

Géza Frid is een gematigd modern componist en heeft in zijn schrijfwijze een markant gevoel voor ritme en melodische fantasie, die geworteld is in de muziekfolklore van zijn geboorteland Hongarije. Géza Frid is lange tijd een van de meest uitgevoerde componisten in Nederland. Zelf spreekt hij van zijn vier "beroepen": componist, pianist, muziekredacteur bij het Vrije Volk en docent aan het Utrechts Conservatorium. Daarnaast bekleedt Frid diverse bestuursfuncties en is hij oprichter van het Nederlands Bartók Genootschap. Zijn oeuvre omvat meer dan honderd composities voor uiteenlopende bezettingen: orkest- en koorwerken, kamermuziek (o.a. vijf strijkkwartetten), muziek voor solo-instrumenten en een opera. Ook staat hij open voor buitengewone instrumentencombinaties; hij componeert voor orkest en jukebox ('Euridice' (1961), balletmuziek), voor piano en tape en hij maakt van zijn 'Arabesques roumaines' (1982) een versie voor bamboefluiten. Een van zijn meest uitgevoerde composities is het 'Concert' voor twee violen en orkest dat in 1952 voor het eerst werd uitgevoerd door Herman Krebbers en Theo Olof met het Residentie Orkest onder leiding van Willem van Otterloo.

1904

Géza Frid wordt geboren op 25 januari in het Hongaarse Máramarossziget (nu in Roemenië).

1912 - 1924

Géza Frid verhuist naar Boedapest. Hij studeert piano bij Béla Bartók en compositie bij Zoltán Kodály aan de de Ferenc Liszt muziekacademie.

1924 - 1928

Na zijn eindexamen verlaat Frid al spoedig zijn geboorteland wegens het opkomend fascisme en woont hij enige tijd in Frankrijk en Italië. Hij maakt succesvolle concertreizen door heel Europa, deels samen met violist Zoltan Székely. In 1927 wordt zijn eerste strijkkwartet 'Quatuor à cordes' in Boedapest en Londen uitgevoerd.

1929 - 1935

Géza Frid besluit zich definitief in Nederland te vestigen en verkiest Amsterdam boven Brussel, Londen en Parijs vanwege het muzikale klimaat. De 'Suite pour orchestre' gaat in 1930 in Parijs in première onder leiding van Pierre Monteux, daarna volgen uitvoeringen door het Concertgebouworkest en het Boston Symphony Orchestra.

1937 - 1939

Géza Frid trouwt met pianiste en zangeres Ella van Hall en twee jaar later wordt zoon Arthur geboren.

1940 - 1945

Frid mag tijdens de Duitse bezetting van Nederland niet in het openbaar optreden. Hij organiseert een reeks geheime huisconcerten en is actief in het kunstenaarsverzet. Frid houdt een lijst bij van de in totaal 45 concerten die als volgt is onderverdeeld: 1941 - verbod van optreden, 1943 - reisverbod, 1945 - levensmiddelenconcerten. Op 28 mei 1945 vindt in huize Frid in Amsterdam een bevrijdingsconcert plaats. Hier treedt hij onder anderen op met de Oostenrijkse violiste Alma Rosé.

1946 - 1948

Frid is hoofdleraar piano aan het Muzieklyceum in Rotterdam.

1948 - 1949

Géza Frid wordt genaturaliseerd en krijgt de Nederlandse nationaliteit. Hij maakt een concertreis door Indonesië en geeft 48 concerten als solist. Tevens vervangt hij de zieke chef-dirigent van het Radio Filharmonisch Orkest in Jakarta. Voor zijn orkestwerk 'Paradou' (1948) ontvangt hij de Muziekprijs van Amsterdam.

1950 - 1959

In de jaren vijftig begint Frid ook artikelen te schrijven voor tijdschriften over uiteenlopende onderwerpen en musici en wordt hij muziekrecensent bij Het Vrije Volk. Zo wijdt hij in de loop der jaren alleen al elf stukken aan Kodály en liefst vijfentwintig uitvoerige artikelen aan Bartók. In 1955 wordt het Bartók-Genootschap opgericht met Géza Frid als voorzitter. Hij wint de 2de prijs in een compositiewedstrijd van de Wereldomroep en de K.N.T.V. met zijn 'Variaties op een Nederlands volkslied' (1950) voor koor en orkest. In 1951 ontvangt hij de 3de prijs bij het Concours International de Quatuor à Cordes in Luik voor zijn '3de Strijkkwartet (Fantasia tropica)' en in 1956 de 4de prijs voor zijn 'Vierde Strijkkwartet'. In 1954 krijgt hij opnieuw de Muziekprijs van Amsterdam, nu voor 'Etudes Symphoniques' voor orkest. Voor het openingsbal van de Boekenweek 1959 in de Stadsschouwburg in Amsterdam componeert Frid de muziek voor de "opera parodistica" 'De Zwarte Bruid'. Het libretto is van C.J. Kelk.

1960 - 1970

Géza Frid is jarenlang vaste begeleider van sopraan Erna Spoorenberg. Samen maken zij in 1963 als eerste Nederlandse musici na de Tweede Wereldoorlog een tournee door de Sovjet-Unie. In 1964 wordt Frid benoemd tot hoofddocent kamermuziek aan het Utrechts Conservatorium. Voor Emmy Verhey, Christiaan en Dick Bor componeert hij zijn 'Concert voor drie violen en orkest' (1969). "Een unicum in de vioolconcertliteratuur" aldus Wouter Paap in het tijdschrift Mens en Melodie.

1974 - 1976

Ter gelegenheid van zijn 70ste verjaardag krijgt Géza Frid een jubileumconcert in het Amsterdamse Concertgebouw en wordt hij geridderd. Twee jaar later verschijnt zijn boek 'Oog in oog met ...' over zijn ontmoetingen met o.a. Lev Tolstoj, Thomas Mann, Béla Bartók, Maurice Ravel, Benito Mussolini, Willem Mengelberg en Godfried Bomans.

1984 - 1989

De autobiografie van Frid 'In 80 jaar de wereld rond' verschijnt bij uitgeverij Strengholt. Zijn laatste jaren brengt hij door in een verzorgingshuis in Bergen. Hij komt tragisch om het leven door onachtzaamheid van het verplegend personeel, dat de temperatuur van het badwater niet had gecontroleerd. Géza Frid overlijdt op 13 september 1989 in het Brandwondencentrum te Beverwijk.

1990

De Hongaarse regering vereert Géza Frid postuum met de prestigieuze Bartók-Pásztory prijs voor zijn gehele oeuvre als "internationaal vermaard musicus van Hongaarse afkomst".

1998

Violist Radboud Oomens en zoon Arthur Frid besluiten samen de Géza Frid Stichting op te richten met als doel "het omvangrijke en gevarieerde oeuvre van Géza Frid onder de belangstelling te brengen van het publiek, en het een blijvende plaats te geven in de Nederlandse en internationale muziekwereld".