alle werken

70 werken in Donemus catalogus

populaire werken

Neue Niederländische Klaviermusik : = Contemporary Dutch piano music, Heft 2 = Book 2 / mit Werken von = containing works by J. Andriessen, R. du Bois, G. Janssen ... [et al.], herausgegeben von = edited by Ton Hartsuiker

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Piano
Bezetting: pf

Drie liederen : opus 51 / [tekst] (Rainer Maria Rilke), Léon Orthel

Genre: Vocaal
Subgenre: Zangstem en piano
Bezetting: sopr pf

Otto abbozzi : per flauto, violoncello e pianoforte, opus 57 / Léon Orthel

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Blaas en strijk en toetsinstrument(en)
Bezetting: fl vc pf

nieuwste editie

Concert : voor trompet en orkest, opus 68, (1973-'74) / Léon Orthel

Genre: Orkest
Subgenre: Trompet en orkest
Bezetting: 2222 4230 timp perc str trp-solo

 

componist

Orthel, Léon

Nationaliteit: Netherlands

Hij werd in 1921 leerling van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Hij studeerde viool bij André Spoor, piano bij Van Beijnum en compositie bij Johan Wagenaar. Na een jaar (1928-29) aan de Berlijnse Hochschule für Musik onder leiding van Paul Juon en Curt Sachs - met een stipendium van het Rijk - keerde hij terug bij Wagenaar (1929-30).
Polytonaliteit en atonaliteit lagen hem niet. Na zijn afstuderen bij Wagenaar werkte hij in de jaren dertig aan een eigen stijl, die tot uiting kwam in zijn Tweede Symfonie (Sinfonia piccola) uit 1940 en de liederen op gedichten van Rilke. Orthel was vanaf 1941 hoofdvakdocent voor piano aan het Koninklijk Conservatorium en vanaf 1949 tevens hoofdvakdocent voor compositie aan het Amsterdams Conservatorium. In 1970 ging hij in beide functies met pensioen. In de jaren daarna schreef hij ongeveer veertig composities. Hij had belangstelling voor filosofie, cultuurgeschiedenis en literatuur. Orthel was zowel pianist en componist als pedagoog. Hij trad op als pianosolist met orkest, speelde kamermuziek en begeleidde zangers, met name de sopraan Ank Reinders, in zijn eigen liederen. Hij was voorzitter van de Vakgroep Componisten der Koninklijke Nederlandse Toonkunstenaars Vereniging (1947-69) en van het bestuur van de Dr. Johan Wagenaarstichting (1957-72).