gerelateerde werken
Ghaf : ensemble, 2003 / Klaas de Vries
Genre:
Kamermuziek
Subgenre:
Gemengd ensemble (2-12 spelers)
Trois pieces pour piano et orchestre : opus 617 1978, opus 827 1991, opus 886 1995 / Jan van Dijk
Genre:
Orkest
Subgenre:
Piano en orkest
Bezetting:
3232 3210 timp 2perc str pf-solo
Far away in the ocean : for twelve violoncellos and soprano / Reza Namavar ; text: Toon Tellegen
Genre:
Vocaal
Subgenre:
Zangstem en groot ensemble
Bezetting:
sopr 12vc
Sense : for orchestra and the audience / Petra Strahovnik
Genre:
Orkest
Subgenre:
Orkest
Bezetting:
2fl 2ob 2cl 2fg 4h 3tpt 2trb trb-b tb 3perc hp pf acc str
compositie
Follia : voor koperblazers, slagwerk, elektriese instrumenten en vijf solo-strijkers, (1972-'73) / Klaas de Vries
Overige auteurs:
Vries, Klaas de
(Componist)
Toelichting:
Follia heeft bepaalde karakteristieke overeenkomsten met andere composities uit het begin van de jaren zeventig [van de vorige eeuw]: diatoniek, homogene klankblokken (cf. de bezetting) en een minder gedifferentieerde ritmiek vergeleken met veel muziek uit de voorgaande periode. De bezetting en de vorm hang nauw samen. In het koper wisselen twee contrasterende blokken elkaar af. Het eerste, massief van klank, diatonisch van opbouw en met een motorisch ritme, keert een aantal keren ongewijzigd terug, maar wel steeds in een ander register. Het tweede, a-motorisch (lang aangehouden tonen) en meer chromatisch, verandert voortdurend. Deze twee blokken van de blazers contrasteren - alleen al door klank en volume - op zich weer met de vijf strijkers, die ook steeds als blok optreden. Door het gebruik van hetzelfde toonhoogte-materiaal werken de strijkersblokken als echo van de muziek van de blazers. Drie tamtams en twee gongs, op verschillende manieren bespeeld (onder andere met een strijkstok aangestreken), vormen de bemiddelaars in klank tussen koper en strijkers. De afwisseling van deze gegevens wordt één keer onderbroken door een blok van elektrische instrumenten en twee xylorimba's, die na het koper en de strijkers een derde versie van hetzelfde materiaal presenteren. Door het constant in andere gedaantes terugkeren van hetzelfde toonhoogte-materiaal (twee diatonische reeksen die een kleine secunde - of none - uit elkaar liggen) en de montage-achtige bouw van de vorm, waarbij de volgorde van de blokken geen dwingend muzikaal verloop vertoont (met andere woorden: ze zouden tot op zekere hoogte gewijzigd kunnen worden zonder de essentie van de muziek aan te tasten), heeft het stuk een overwegend statisch karakter (...). - KLAAS DE VRIES