componist

Voorn, Joop

Joop Voorn werd geboren op 16 oktober 1932 te Den Haag. Hij zong in het parochiële jongenskoor "Ex ore infantium": gregoriaans, Perosi, maar ook Palestrina, Bruckner en Jan Mul. Hij volgde ...

gerelateerde werken

Zeven liederen op gedichten van Christian Morgenstern : = Sieben Lieder zu Gedichten von Christian Morgenstern, voor sopraan en altlier of piano, für Sopran und Altleier oder Klavier, 1990 / Joop Voorn

Genre: Vocaal
Subgenre: Zangstem en instrument(en); Zangstem en piano
Bezetting: sopr lyre-a/pf

Concerto da camera : per flauto e corde, 1962 / Harold C. King

Genre: Orkest
Subgenre: Fluit en strijkorkest
Bezetting: str(4.3.3.2.1.) fl-solo

When the Party is Over : Version for flute and string orchestra / Chiel Meijering

Genre: Orkest
Subgenre: Fluit en strijkorkest
Bezetting: fl str

Blues : Version for flute and string orchestra / Chiel Meijering

Genre: Orkest
Subgenre: Fluit en strijkorkest
Bezetting: fl str

 

compositie

Petit concert de printemps : pour flûte (grande flûte et flûte alto en sol) et cordes, version pour douze cordes (4, 3, 2, 2, 1) / Joop Voorn

Uitgever: Amsterdam: Donemus, cop. 1976
Uitgavenummer: 06203
Genre: Orkest
Subgenre: Fluit en strijkorkest
Bezetting: 7vl 2vla 2vc cb fl-solo
Bijzonderheden: Voor fluit en 12 strijkers. - Jaar van comp.: 1975. - Tijdsduur: 8'
Tijdsduur: 8'00"
Aantal spelers: 13
Status: nog niet gedigitaliseerd (verwachte levertijd 14 dagen)

Toelichting:
Program note (Dutch): Dit concert vertoont een meerdelige opzet, waarvan de delen naar het midden van het stuk toe een ritmische ontwikkeling laten horen, welke vervolgens, teruggaande, op zijn uitgangspunt terecht komt. Fluit en strijkers zijn hierbij aan elkaar tegengesteld. De vijf onderdelen van de fluitpartij gaan van snel naar langzaam, en terug, de zeven delen van de strijkers gaan van langzaam naar snel, en terug (...). De opzet heeft ertoe geleid (niet noodzakelijk, maar toen in feite wel) dat fluit en strijkers weinig in elkaar grijpen. De strijkers vormen vaak een 'geluidsdecor' waartegen de fluitmuziek zich aftekent. Het gedeelte f van de strijkers, dat echter grotendeels zonder fluit is, toont in zich meer differentiatie, en de fluit die zijn middendeel (c) aan het einde van f begint, gaat daar ook meer in de strijkersmuziek mee. Het middendeel is geschreven voor altfluit. Tijdens gedeelte e vergezelt de contrabas de fluit in een solistische pizzicato-partij. De klank van het stuk is
licht. De beweeglijke delen van de fluitpartij zijn veelal fel en nerveus. De titel werd aan het stuk gegeven n.a.v. een paasvakantie in de Ardèche en in Auvergne. Er woei een frisse bries... - JOOP VOORN

Interesse
Heeft u interesse om dit werk aan te schaffen? Laat ons dit dan vrijblijvend weten zodat we dit werken met voorrang kunnen digitaliseren.
Naam
E-mail