gerelateerde werken
Lacune : voor blazers, piano en contrabas, 1984 / Cees van Zeeland
Genre:
Orkest
Subgenre:
Groot ensemble (12 of meer spelers)
Bezetting:
1020 sax-a(fl) 1330 pf cb
Three poems by W.H. Auden : for chamber choir, (1975) / Rudolf Escher
Genre:
Vocaal
Subgenre:
Gemengd koor
Bezetting:
GK8
Concertino : opus 142, for oboe-solo and youth orchestra, (1966) / Herman Mulder
Genre:
Orkest
Subgenre:
Schoolorkest; Hobo en orkest
Bezetting:
2120 1210 timp perc str ob-solo
Why? : for solo flute / Ned McGowan
Genre:
Kamermuziek
Subgenre:
Fluit
Bezetting:
fl
compositie
Vezels : voor 10 instrumentalisten, 1982 / Cees van Zeeland
Auteur(s):
Zeeland, Cees van
(Componist)
Toelichting:
In het stuk Vezels wordt het spoor verlaten van de ondubbelzinnige procesmuziek. Dit betekent dat er geen sprake is van één muzikaal gegeven dat wordt ontwikkeld. In plaats daarvan worden een aantal gegevens tot één geheel vervlochten. De herhalingstechniek zoals we deze kennen van de oudere Hoketus stukken wordt geproblematiseerd. Zodra het stuk begonnen is, worden de elementen van de klank als het ware 'geciteerd.' Door het verstrijken van de tijd verandert de context van het 'citaat' met als gevolg dat het 'citeren' mislukt. Daarbij wordt er voortdurend aan het mislukte 'citaat' een mouw gepast wat resulteert in nieuwe gegevens die 'geciteerd' kunnen worden. Er is gebruik gemaakt van een strenge organisatie van de tijd, die zowel het ritme als de duur van het stuk beheerst. Het geheel valt uiteen in een aantal in tijdsduur variërende delen, waarin een bepaalde ontwikkeling (harmonisch, ritmisch, melodisch, ...) op de voorgrond treedt. Hoewel het melodisch interval als 'geciteerd' gegeven het uitgangspunt vormt, komen de uitgewerkte melodieën er maar bekaaid af: ze zijn kort, klein in omvang en krijgen slechts hun betekenis door de context waarin ze staan. De rol van het melodisch materiaal is te vergelijken met die van vezels, welke de basisstructuur vormen voor een eindproduct. - CEES VAN ZEELAND