gerelateerde werken
Invocations : for mezzo-soprano, mixed choir and instrumental ensemble, 1983 / Ton de Leeuw
Genre:
Vocaal
Subgenre:
Gemengd koor en instrumenten
Bezetting:
sopr-m 3sopr 3alt 3ten 3bas 3cl h trb 2perc pf(el.pf)
Nritta : orchestral dance / Ton de Leeuw
Genre:
Orkest
Subgenre:
Orkest
Bezetting:
fl fl(pic) fl (fl-a) 2ob ob(eh) 2cl cl-b 2fg sax-a 4h 3trp 3trb tb timp 3-4perc hp pf(cel) str
Burg-Serenade : für Orchester / Jan Koetsier
Genre:
Orkest
Subgenre:
Orkest
Bezetting:
2202 2220 timp perc hp str
Rondgang : voor kamerorkest, opus 42, 1996/2000 / Peter Schat
Genre:
Orkest
Subgenre:
Orkest
Bezetting:
1033 0000 pf str
compositie
Spatial music / Ton de Leeuw
Auteur(s):
Leeuw, Ton de
(Componist)
Toelichting:
Program note (Dutch): (Première: 4-5-1967 - Amsterdam - Amsterdams Studenten Kamerorkest o.l.v. Jan Vriend).
Spatial Music I gaat uit van een totaal andere relatie tussen ruimte en klank dan tot dan toe gebruikelijk was. De ruimtelijke splitsing van het orkest dient niet slechts tot een betere profilering van de klank, maar bepaalt diepgaand de structuur van de muziek zelf. Dit gebeurt als volgt: 32-48 spelers zijn geheel over de zaal verdeeld, en verspreid tussen het publiek opgesteld. Zij vormen een collectiviteit van zelfstandige individuen, die zowel afhankelijk als bijna volledig onafhankelijk van elkaar musiceren. De keuze der instrumentalisten, evenals hun aantal (tussen 32 en 48) wordt bepaald door de dirigent. De partijen zijn daarom niet gebonden aan een bepaald instrument, maar daarentegen aan de plaats die de speler in de betreffende uitvoeringsruimte inneemt. Het is deze plaats, die bepalend is voor datgene dat de speler te spelen heeft. De ruimte is hiermee een essentieel bestanddeel van de muzikale structuur geworden.
Verder speelt een sterk ornamentale, flexibele speelwijze, verwant met bepaalde Aziatische muziekpraktijken, een grote rol. Het is deze speelwijze die - met de ruimtelijke spreiding - verantwoordelijk is voor de totaal nieuwe orkestklank van dit werk.
De vorm behoort tot het wat de componist noemt mobiele-gesloten type, waarbij, ondanks de grote mate van ongedetermineerdheid der samenklank, herkenbare en gefixeerde elementen zorgen voor een blijvende karakteristiek van de muzikale vorm, ook bij overigens zeer verschillende heruitvoeringen. De tijdsstructuur van het werk is echter minutieus vastgelegd: het is de bedding waarin dit simultaan, onafhankelijk musiceren verloopt. Er is geen partituur. Verkrijgbaar zijn slechts de partijen, benevens een technische toelichting voor de spelers en dirigent. - TON DE LEEUW