componist

Emmerik, Ivo van

Ivo van Emmerik is een componist die graag voorbij de grenzen van zijn partituur en zijn genre kijkt. Hij werkt veelvuldig samen met kunstenaars uit andere disciplines en toont grote ...

gerelateerde werken

Fraktur : voor vijf slagwerkers, 1982 / Ivo van Emmerik

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Slagwerk
Bezetting: 5perc

Concertstuk : voor kamerorkest / Wolfgang Wijdeveld

Genre: Orkest
Subgenre: Orkest
Bezetting: 1111 1000 str(3.2.2.1.)

Variaties : op een Nederlands volkslied, voor orkest en koor / Géza Frid

Genre: Orkest
Subgenre: Orkest; Gemengd koor en orkest
Bezetting: (GK4 ad lib.) 3243 sax-a 4331 timp 3perc str

Canzoni e rondo : per orchestra, opus 956, 1998 / Jan van Dijk

Genre: Orkest
Subgenre: Orkest
Bezetting: 1122 2000 str

 

compositie

Architektur der Ebene : for orchestra, 1988 / Ivo van Emmerik

Uitgever: Amsterdam: Donemus, cop. 1989
Uitgavenummer: 04666
Genre: Orkest
Subgenre: Orkest
Bezetting: 3fl(3pic) 2ob eh 2cl cl-b 3fg 2h 2trp 2trb trb-t(trb-b)tb 2perc 2pf str(8.6.4.2.)
Bijzonderheden: Tijdsduur: ca. 7'
Tijdsduur: 7'00"
Status: nog niet gedigitaliseerd (verwachte levertijd 14 dagen)

Toelichting:
Program note (English): This orchestral piece was named after a water colour painted by Paul Klee in 1923. At that time, partly because of his appointment as a teacher at the Bauhaus in Weimar, Klee was deeply involved in exploring the significance of architecture to the composition of his paintings and drawings. His 'Architektur der Ebene' , in which various transparant fields of colour were superimposed, resulting in a subtile, rhythmically changing spectrum, is representative of this period.
According to Klee, a painter should, by carefully considering the formal elements of his work, strive for a perfect balance, thus increasing its "carrying capacity".
Similar considerations were a point of departure in the composition of my 'Architektur der Ebene' ; various aspects of the same basic material are presented in thirteen short parts, caught in concise, often symmetrical structures. The static character of most of these parts - but also the differences between them - bring about a discontinuous flow of time; one could speak of a chain of autonomous passages rather then a continuous story line. From time to time, however, these parts are kept together by two pianos slowly playing descending modes in their own tempo, like the string on which the beads of a necklace are strung. - IVO VAN EMMERIK

Interesse
Heeft u interesse om dit werk aan te schaffen? Laat ons dit dan vrijblijvend weten zodat we dit werken met voorrang kunnen digitaliseren.
Naam
E-mail