componist

Voorvelt, Martijn

Martijn Voorvelt is autodidact componist. Zijn kamermuziek- en muziektheaterwerken zijn uitgevoerd in vele landen, en op festivals zoals de Gaudeamus Muziekweek en de ISCM World Music Days. De laatste jaren ...

gerelateerde werken

Danceformed fugue : for string trio and ad libitum tape/electronics, 1994 / Martijn Voorvelt

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Strijktrio (viool, altviool, cello); Elektronica met verschillende instrumenten; Strijktrio (viool, altviool, cello) met elektronica
Bezetting: vl vla vc (tape/electronics ad lib.)

Hymn : for fanfare orchestra, 1996 / Lowell Dijkstra

Genre: Orkest
Subgenre: Fanfare
Bezetting: 0000 4sax 2322 3bug 2barh timp

Lydische Nacht / gedicht von [sic] Balthazar Verhagen, gecomponeerd door Alphons Diepenbrock

Genre: Vocaal
Subgenre: Zangstem en orkest
Bezetting: bar(recit) fl pic 2ob eh 2cl cl-b 2fg 4h 3trp 3trb timp perc hp str

In opstand : voor piano, 1985 / Chiel Meijering

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Piano
Bezetting: pf

 

compositie

Septet : voor fluit, fagot, slagwerk, piano, 2 violen en contrabas, 1992 / Martijn Voorvelt

Uitgever: Amsterdam: Donemus, cop. 1992
Uitgavenummer: 08152
Genre: Kamermuziek
Bezetting: fl fg perc pf 2vl cb
Bijzonderheden: Opgedragen aan ensemble Numanwari. - Tijdsduur: ca. 8'30''
Tijdsduur: 9'00"
Aantal spelers: 7
Status: nog niet gedigitaliseerd (verwachte levertijd 14 dagen)

Toelichting:
Program note (Dutch): (Première: 11-4-1998 - Posthoornkerk, Amsterdam). Er zijn twee tegengestelde continue ontwikkelingen merkbaar: een harmonsiche beweging van homogeniteit (unisono) naar differentiatie, en een ritmische van differentiatie naar homogeniteit (homofonie). Aan de basis van deze 'tegenbeweging' staan ten eerste melodische motieven, die zich nauwelijks ontwikkelen maar bouwsteentjes vormen voor het klankkleurspel met ritme, dynamiek en instrumentgroepering, en ten tweede getalsreeksen die op alle niveaus het stuk segmenteren en die zowel het ritmische materiaal als de harmonische velden genereren. De harmonsiche velden zijn alle rechtstreeks van elkaar afgeleid. Tenslotte vormt nog een wat abstract theatraal aspect het derde (en belangrijkste?) motief achter de 'tegenbeweging.' Centrale dramatische gegevens zijn het gebruik van vocale middelen door de instrumentalisten, en de fagotsolo vanaf maat 204. - MARTIJN VOORVELT

Interesse
Heeft u interesse om dit werk aan te schaffen? Laat ons dit dan vrijblijvend weten zodat we dit werken met voorrang kunnen digitaliseren.
Naam
E-mail