componist

Voorvelt, Martijn

Martijn Voorvelt is autodidact componist. Zijn kamermuziek- en muziektheaterwerken zijn uitgevoerd in vele landen, en op festivals zoals de Gaudeamus Muziekweek en de ISCM World Music Days. De laatste jaren ...

gerelateerde werken

Danceformed fugue : for string trio and ad libitum tape/electronics, 1994 / Martijn Voorvelt

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Strijktrio (viool, altviool, cello); Elektronica met verschillende instrumenten; Strijktrio (viool, altviool, cello) met elektronica
Bezetting: vl vla vc (tape/electronics ad lib.)

Symphony Nº 6 : für gemischten Chor und Orchester / Hans Kox; Texte von F. Nietzsche und P. Celan

Genre: Orkest
Subgenre: Gemengd koor en orkest
Bezetting: GK4 2fl cl cl-b 2trp 3trb tb timp str

Concertino IV : piano, orkest, 1966 / Jan van Dijk

Genre: Orkest
Subgenre: Piano en orkest
Bezetting: 2001 sax-a 1100 str(vla cb ad lib.) pf-solo

Ceux qui sont venus du ciel : for clarinet in A solo / Patrick van Deurzen, 2006

Genre: Kamermuziek
Subgenre: Klarinet
Bezetting: cl

 

compositie

Septet : voor fluit, fagot, slagwerk, piano, 2 violen en contrabas, 1992 / Martijn Voorvelt

Uitgever: Amsterdam: Donemus, cop. 1992
Uitgavenummer: 08152
Genre: Kamermuziek
Bezetting: fl fg perc pf 2vl cb
Bijzonderheden: Opgedragen aan ensemble Numanwari. - Tijdsduur: ca. 8'30''
Tijdsduur: 9'00"
Aantal spelers: 7
Compositiejaar: 1992
Status: nog niet gedigitaliseerd (verwachte levertijd 14 dagen)

Toelichting:
Program note (Dutch): (Première: 11-4-1998 - Posthoornkerk, Amsterdam). Er zijn twee tegengestelde continue ontwikkelingen merkbaar: een harmonsiche beweging van homogeniteit (unisono) naar differentiatie, en een ritmische van differentiatie naar homogeniteit (homofonie). Aan de basis van deze 'tegenbeweging' staan ten eerste melodische motieven, die zich nauwelijks ontwikkelen maar bouwsteentjes vormen voor het klankkleurspel met ritme, dynamiek en instrumentgroepering, en ten tweede getalsreeksen die op alle niveaus het stuk segmenteren en die zowel het ritmische materiaal als de harmonische velden genereren. De harmonsiche velden zijn alle rechtstreeks van elkaar afgeleid. Tenslotte vormt nog een wat abstract theatraal aspect het derde (en belangrijkste?) motief achter de 'tegenbeweging.' Centrale dramatische gegevens zijn het gebruik van vocale middelen door de instrumentalisten, en de fagotsolo vanaf maat 204. - MARTIJN VOORVELT

Interesse
Heeft u interesse om dit werk aan te schaffen? Laat ons dit dan vrijblijvend weten zodat we dit werken met voorrang kunnen digitaliseren.
Naam
E-mail